Competitiesucces voor jong en oud
In het weekend van 17 en 18 mei kwamen 143 Startbaners in actie bij de competitie. Op zaterdag gingen de pupillen naar Uithoorn en op zondag traden de senioren aan in Beverwijk. Voor het eerst in 10 jaar deden we weer met een volledige mannenploeg én vrouwenploeg mee aan de seniorencompetitie.
Aan volle ploegen in Uithoorn geen gebrek. Met een eerste plek in bijna alle estafettes en heel veel podiumplaatsen maakten onze jongste atleten hun favorietenrol meer dan waar. Roemer gaf de dag bij de U9 extra glans met een clubrecord op de 600 meter. Knap!


Knap op zondag was dat we met misschien wel de jongste seniorenploeg ooit aan de start stonden. Bij de mannen waren alle atleten, op twee na, eigenlijk nog U18 of U20. De prestaties waren er niet minder om. Guus ging voor het eerst over horden van 107 centimeter hoog en deed dat in een formidabele driepas. Menno dwong respect af met een heel gedurfd tempo bij zijn eerste 800 meter ooit.


Minstens zo gedurfd was het tempo van Jelle bij de 1.000 meter een dag eerder. In een rechtstreeks duel met Siem van AKU leek de lange afstand bijna een sprint. Het leverde een ongelofelijk snelle 3:28 op als eindtijd. Bij de meisjes U12 zagen we eenzelfde tweestrijd, maar dan tussen Startbaan onderling: Jackie en Emily liepen lang zij aan zij en maakten het spannend tot de laatste meters.


Iets minder spannend was het op zondag bij de Zweedse estafette van het damesteam. Rosanna, Nora, Laura en Mette liepen weliswaar 10 seconden sneller dan een jaar geleden, maar moesten in Trias hun meerdere erkennen. Maarja, in dat team liepen de Olympische zusjes De Witte mee. We kunnen nu wel zeggen dat we tegen Olympiërs hebben gestreden.

Het Olympische motto ‘sneller, hoger, sterker’ was er ook op zaterdag bij de pupillen. Want snel ging het zeker bij de sprint: alle U10 meisjes liepen een persoonlijk record op de 40 meter en bij de U11 jongens, U12 meisjes, U8 jongens en U8 meisjes wonnen we telkens alle series op één na. Hoog ging het ook: bij de U11 wel te verstaan. Met 1,25 meter was Mae op dat onderdeel een klasse apart en bij de jongens liet Yelle zien dat je helemaal niet de langste of sterkste hoeft te zijn om heel hoog te kunnen springen.
Een klasse apart op zondag was Nienke bij het discuswerpen. Met een worp van ruim 35 meter liet zij het hele veld (bijna letterlijk) achter zich. Nora lukte dat bijna op het verspringen, maar zij moest uiteindelijk genoegen nemen met het zilver.
Zilver op zaterdag was er voor Valeria en Ella. Op de 600 meter liepen zij tot op de duizendste seconde dezelfde tijd. Uniek. Ook bijna dezelfde prestatie op zondag was er bij het discuswerpen. Voor het eerst werpend met twee kilo wist Jarit de discus bijna even ver te krijgen als zijn 16 jaar oudere voormalig trainer. ‘Niets maakt een meester trotser dan een leerling die hem overstijgt’. Dat is een mooie Oosterse wijsheid die helemaal klopt. En als ik de prestaties van de pupillen op zaterdag zie en die van de U18 en U20 op zondag, kan ik alleen maar denken dat er veel trotse momenten in het verschiet liggen in komende jaren. Op naar promotie met de seniorenteams.
Maar eerst nog even de pupillencompetitie afmaken. De volgende wedstrijd is op zondag 29 juni in Hoofddorp. De inschrijflijsten hangen op het pupillenbord. En de senioren? Die staan op 1 juni alweer paraat in Heiloo. Wie komt ons aanmoedigen?